Fred van der Kraaij wijst op details in het wandkleed
Fred van der Kraaij wijst op details in het wandkleed (foto: Maarten van Gemert)

Wandkleed van Overijssel over haar koloniale en slavernijverleden gereed

Algemeen

(door Maarten van Gemert)  
ZWOLLE – Het enorme wandkleed over het Overijssels slavenverleden is gereed. Het participatieve kunstproject ’Draden van het Overijsselse slavernijverleden’ is afgelopen zaterdag gezamenlijk afgerond. Tijdens het Ontmoetingsfestival in het Academiehuis in Zwolle werd het resultaat getoond. Met nijver handwerk hebben honderden vrijwilligers een kunstwerk gefabriceerd over één van de zwarte bladzijdes uit de geschiedenis van Nederland, van Overijssel èn van Kampen.

Als één van de eerste provincies heeft Overijssel haar wandkleed af. Over een lengte van maar liefst 35 meter worden beelden uit haar slavernijverleden getoond. Als blijvende herdenking aan het pijnlijke koloniale en slavernijverleden dat provincie Overijssel kent. In de Grote Kerk in Zwolle is het gehele wandkleed de komende maanden te zien voordat het de provincie ingaat. Kamper kenners prezen zaterdag in Zwolle het initiatief.

Wandkleed
Alle provincies in Nederland maken een dergelijk wandkleed met hun inwoners, behalve de provincie Flevoland uit de vorige eeuw. De trans-Atlantische slavenhandel, waarin zwarte mensen systematisch ontmenselijkt werden, speelde pakweg van de 16e tot en met de 19e eeuw. „Het wandkleed in Zeeland is bijna klaar, in Utrecht helemaal en in Overijssel op de afwerking na,” vertelt Ricardo Burgzorg. Hij is de geestelijk vader en initiator van het project. In een Groningse kerk wilde hij een wand van 35x2,5m vullen en zo ontstonden de afmetingen.
Het participatieproject startte september vorig jaar in Enschede met een eerste steek door de burgemeester van Enschede en de Commissaris van de Koning van Overijssel. Half januari werd de aanzet tot het deel over regio Zwolle gegeven door de Zwolse burgemeester Peter Snijders, in bijzijn van Kamper wethouder Richard Boddeus, met het zetten van de eerste steek. Amber Hyacinth maakte het ontwerp voor de Zwolse delen, gebaseerd op scènes uit het boek ’Overijssel & slavernij’.


Het wandkleeddeel uit de rest van Overijssel (foto: Maarten van Gemert)

Bewustwording
In totaal hebben in Overijssel zo’n 500 vrijwillig(st)ers zich ingezet voor het wandkleed met tuften, borduren, quilten, punchen of andere handwerktechnieken. In Deventer, Hengelo en Enschede is respectievelijk vijf, tien en vijf meter gemaakt. Zwolle heeft met zo’n driehonderd vrijwillig(st)ers en vijftien meter de meeste meters gemaakt. Hoeveel mensen uit Kampen mee hebben geholpen, is niet precies bekend. Sjoukje Baas uit Zalk, werkzaam voor Kunstuitleen Zwolle, was één van de begeleidsters.
Uit Kampen kwam Fred van der Kraaij zaterdag naar het eindresultaat kijken. Hij heeft decennialang in Afrika gewerkt en volgt het nieuws aldaar nog steeds op de voet. Twee jaar geleden werkte hij mee aan een expositie in Stedelijk Museum Kampen over de sporen die de slavernij in Kampen getrokken heeft en dat onbewust nog steeds doet. Van der Kraaij prijst het project als een ”ontzettend goede stimulans” tot bewustwording van het slavernijverleden. Ook van het feit dat de slavenhandel zich niet alleen in Holland en Zeeland afspeelde maar in heel Nederland.

Eindresultaat
Van der Kraaij weet honderduit te vertellen over de slavenhandel. Slaven, tegenwoordig ookwel aangeduid als ’slaafgemaakten’, werden als vee naast elkaar gelegd in het ruim, liggend en naakt, waardoor er soms wel tot 1000 mensen in een schip pasten. Als er een illegaal slavenschip werd onderschept, dumpte de Amerikaanse, Engelse of Franse marine de ’lading’ in een kolonie waar ze niet vandaan kwamen. Doch de afkomst van de slaven was vaak onbekend. Bij schipbreuk werden soms de ruimen, gevuld met slaven, dichtgetimmerd waarna het schip naar de zeebodem zonk. Tegenwoordig heet dat massamoord.
De scènes op het wandkleed worden toegelicht op een flyer. De slavernijgeschiedenis van Kampen komt naar voren in een beeld van de Cellebroederspoort en Everdina. De geschiedenis van het slaafgemaakte meisje ’Dientje’ werd voor het eerst naar buiten gebracht door de kleinschalige Kamper cultuurorganisatie cultuurZIEN.


Initiator Ricardo Burgzorg met de handwerkster bij haar deel (foto: Maarten van Gemert)

Eindbestemming
Het wandkleed dat de sporen van dit pijnlijke verleden verbeeldt, is tot augustus te bewonderen in Academiehuis Grote Kerk in Zwolle. Daarna verhuist het naar de Lebuinuskerk in Deventer. De Grote Kerk in Zwolle is evenals de Bovenkerk in Kampen ontheven van haar kerkelijke functie. In beide Godshuizen vinden nog wel kerkdiensten plaats maar ze staan ook open voor evenementen. De oudste muur van de Grote Kerk stamt uit 1040.
„Toen was het een algemeen katholieke kerk,” vertelt Coby Zandbergen, directrice van het Academiehuis, „later werd het een Rooms-Katholieke kerk en na de Reformatie protestants.” Oorspronkelijk was het een gebouw voor algemeen gebruik en naar die functie is het nu teruggekeerd. „Een groot overdekt plein, dat is wat we willen zijn,” aldus Zandbergen. Zoals de Academia van Plato in de Griekse Oudheid en vandaar de naam Academiehuis.
Naar de eindbestemming van het wandkleed wordt nog gezocht. Eerst komt het nu te hangen over de gehele achterwand van de Grote Kerk. Een knap staaltje handwerk van een triest staaltje mensenhandel. Overijssel staat er gekleurd op.


Op het gelijktijdig gehouden Ontmoetingsfestival waren andere kleden aan te schaffen (foto: Maarten van Gemert)