Afbeelding
Foto: foto aangeleverd

‘Vroege voorspelling over horror-wespenseizoen mist elke basis’

Algemeen

REIGO - In talloze media (waaronder website www.brugnieuws.nl) werd de afgelopen dagen een bericht gepubliceerd waarin geclaimd werd dat Nederland afstevent op een uitzonderlijk druk wespenseizoen, ‘een horror-wespenseizoen’ werd het soms zelfs genoemd. Deze claim is op dit moment totaal niet te onderbouwen. Dat schrijft Nathan Veenstra van de Wespenstichting in een reactie op een eerder verspreid persbericht van De Bestrijdingsbrigade.

De Bestrijdingsbrigade meldde dat wespen dit jaar “opvallend vroeg actief” zijn door de zachte winter en het warme, droge begin van maart. Volgens de bestrijder zou dat kunnen leiden tot een versnelde opbouw van nesten, een grotere vraag naar wespenbestrijding en een verhoogd risico op grote nesten later in het seizoen.

Veenstra noemt die voorstelling van zaken onjuist of niet controleerbaar. Volgens hem valt er begin april nog geen betrouwbare voorspelling te doen over hoe het wespenseizoen zich zal ontwikkelen.

In zijn reactie zet de Wespenstichting vraagtekens bij meerdere onderdelen van het bericht. Zo wijst Veenstra erop dat er volgens hem geen sprake is van een “versnelde opbouw van nesten”. Een wespennest ontwikkelt zich volgens hem ieder jaar volgens een gebruikelijk patroon, waarbij een koningin begint met een klein nest en de eerste werksters na 5 tot 6 weken verschijnen.

Ook de link tussen het warme weer in maart en uitzonderlijk vroege nestvorming vindt de stichting te stellig. Dat eerst bijen, hommels en Franse veldwespen zichtbaar zijn, klopt volgens Veenstra wel, maar dat koninginnen in april aan nesten beginnen is volgens hem niet uitzonderlijk. April is voor veel soorten juist een gebruikelijke maand.

De stichting weerspreekt ook de gedachte dat een vroege start automatisch leidt tot grotere nesten. Volgens Veenstra zit daar “totaal geen logica” achter als naar de levenscyclus van wespennesten wordt gekeken. In veel gevallen betekent een eerdere start volgens hem juist ook een eerder einde van een nest.

Verder heeft de Wespenstichting kritiek op de oproep om nu al in te grijpen. In het oorspronkelijke bericht stond dat mensen bekende plekken rond de woning moeten controleren en snel moeten handelen om grotere problemen later in het seizoen te voorkomen. Veenstra ziet daarin een commerciële aansporing om vroeg een bestrijder in te schakelen.

Volgens hem is daar in deze fase meestal geen reden voor. Zolang alleen een koningin bezig is met een embryonestje of koninginnennestje, mislukt dat volgens de stichting in 80 tot 90 procent van de gevallen. Ook zou er dan vrijwel geen gevaar van uitgaan, omdat een koningin in die fase nauwelijks defensief is.

Met die reactie zet de Wespenstichting vooral de toon voor voorzichtigheid. Niet elke vroege waarneming wijst op een zware wespenzomer, is de boodschap. Wie nu al grote conclusies trekt, loopt volgens de stichting vooral vooruit op iets wat nog niet valt te bewijzen.