Voor dit Kamper bruidspaar, Floor en Edwin de Koning schilderde Kees Kieft in 1989 met Schokbeton steentjes en mortel deze sterren van geluk.
Voor dit Kamper bruidspaar, Floor en Edwin de Koning schilderde Kees Kieft in 1989 met Schokbeton steentjes en mortel deze sterren van geluk. Foto: Aangeleverd

Henk de Koning blikt terug: Materie-schilder Kees Kieft

· leestijd 2 minuten Algemeen

KAMPEN - In de vijftiger jaren van de vorige eeuw kende Kampen een opmerkelijk kunstenaar: materie-schilder Kees Kieft. Getrouwd met Greet die hem - een kunst op zich - in alles trouw en zorgzaam terzijde stond. Beiden geboren in Zwolle verhuisden ze in 1953 naar Kampen, waar Kees beter werk vond op de loonadministratie bij NV Schokbeton. Vanwege een nieuw ontdekt procedé in het maken van beton een opkomend veelbelovend bedrijf. Hoewel omgaand met grote geldbedragen geen bijster avontuurlijk bestaan dat kantoorwerk. Tenzij je er met de kas vandoor ging. 

Maar Greet en zijn passie voor de schilderkunst hielden Kees op het rechte pad. Materie-schilderen deed Kees met mortel, steentjes en steengruis. Bouwstoffen bij het bedrijf voor speciale doeleinden opgeslagen Schokbeton stond hem toe als personeelsvoorziening er gebruik van te maken. Ooit schilderde Kees, lid van de Zwolse amateur-schildersclub: ‘Het Palet’ wat de volksmond noemt: ‘Normaal.’ Frisse Hollandse landschapjes, herkenbare stadsgezichten en portretwerk waarin vooral veel durf te herkennen viel. Voorbeeldig gehoorzaam werk, maar door Greet ook toen al als dat van Rembrandt bewonderd. Veel zaken in het leven gebeuren bij toeval. 

Bij Kees toen hij de staande bij steentjes en het steengruis op zijn werk plotseling door een ingeving werd getroffen er iets creatiefs mee te doen. Hem overkomend in een tijd dat tegelijk de beeldende kunst met abstracte vormen een grote vlucht nam. Het zo lange tijd binnen de lijntjes kleuren had afgedaan. Zich in creativiteit onbegrensd uiten was aan een grote zegetocht begonnen. Met kunstschilder Karel Appel als voorname apostel. Driftig verf smijtend op doek in plaats van bedaard penselen. Slechts een enkeling die Appel zo zag sprak van van ‘gekkenwerk.’ Slechts de meer geletterden in de woelige wereld van de kunst voelden dadelijk met Appel mee. Knikten goedkeurend en omarmden het magische van het nieuwe. Zo ook Kees uit Kampen. 

Thuis in zijn atelier met Schokbeton-materiaal aan de gang schilderde Kees zijn eerste materiedoek. Er zouden er nog talloze volgen. Van steengruis en mortel in veel gevallen wolkige voorstelling in diverse varianten oproepend. De massa vanwege het gewicht met chemische lijm veilig op doek verankerend. Eerst dan met verf ingekleurd. ‘Een mistbank in sprookjesland’, is wat velen er welwillend in zagen want als onbeduidend kunstkenner aan de kant blijven staan wil niemand. Kees maakte al snel vordering. Met bouwmaterialen steeds weer nieuwe patronen in gruis, mortel en steen kunstzinnig uitbeeldend. Op zijn werk voorraad genoeg. 

In Kampen bewoonden Kees en Greet een met veel scharrel-antiek ingerichte traditionele binnenstadwoning. Met een van oudsher apart werkvertrek, het zogeheten ‘Pothuisje’ dat er in open verbinding aan vastzat. Het geheel nagenoeg aangebouwd tegen de dan nog witgeschilderde Koornmarktspoort. De huiskamer op winterse avonden door Greet, als van een bedevaartplaats romig verlicht met het schijnsel van tientallen kaarsen, geplaatst in een armada van door Kees verzamelde Keulse potten. Wijn schenkend uit flessen met de schijn van onuitputtelijkheid als uit de wonderlijke fles van Elia. Greet, als in het oude Rome, bevallig uitgestrekt op een volhardende canapé, nog uit de tijd van onverwoestbaar vakwerk. Kees met geloken blik achterover geleund in zijn makkelijke stoel. Boek over ‘abstracte kunst met Karel Appel’ op schoot. Op zijn kleedje voor de warme kachel een nooit afgeblaft dodelijk verwend hondje. Benauwd snurkend door een voor de commercie mismaakt gefokt plat neusje. 

Het publiek begreep de materiekunst van Kees moeizaam. Of eigenlijk niet. Dat maakte dat Kees al materieschilder nooit echt doorbrak. Wel kocht het Amsterdams Stedelijk Museum enkele van zijn opmerkelijke werken. Voor opslag. Je wist maar nooit. Je zag het aan Van Gogh. Een enkele expositie volgde nog, maar dan is het uit. Nadat in 1993 Greet op 71-jarig leeftijd overlijdt begint Kees te sukkelen. Acht jaar later overlijdt hij, 79-jaar oud in een Zwols bejaardentehuis. Schokbeton is dan al uit Kampen verdwenen. Het gemis van zijn vrouw, de erkenning, de steentjes en zijn Kamper atelier, wogen hem te zwaar. Het publiek begreep dát wel. ‘Materieschilder Kees Kieft? De kleur van zijn bestaan was op.’ 

Henk de Koning

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.