
Sportieve Benjamin Veldman bewijst dat je je eigen weg moet gaan
· leestijd 2 minuten AlgemeenKAMPEN – Laat je niet door anderen vertellen wat je wel of niet kunt. Als je iets echt wilt, ga er dan voor. Die levensles leerde Benjamin Veldman al op jonge leeftijd. De 31-jarige Kampenaar werd geboren met het zeldzame EEC-syndroom, waardoor hij de meeste vingers en tenen mist. Op zijn zeventiende kreeg hij daar onverwachts een visuele beperking bij. Toch weerhield niets hem ervan om deel te nemen aan de 2Bruggenloop in Kampen en zelfs de Alpen te bedwingen.
De sportredactie van Brugmedia geeft individuele sporters die hindernissen overwinnen graag een podium, en het verhaal van Veldman past daar perfect bij.
“Je kunt wel zeggen dat mijn leven best wel anders is begonnen en verlopen dan bij de meeste mensen”, vertelt hij nuchter. “Ik ben geboren met het EEC-syndroom. Een van de kenmerken is dat je misvormingen hebt aan huidplooien; bij mij ontbreken de meeste vingers en tenen. Zelf heb ik dit nooit zozeer als een beperking gezien. Ik ben ermee geboren en weet niet beter.”
Tot zijn zeventiende volgde hij gewoon regulier onderwijs en leidde hij een leven zoals veel leeftijdsgenoten. Daarna kreeg hij plots te maken met glaucoom (te hoge oogdruk). “Dat staat op zich los van mijn syndroom, maar door het EEC-syndroom werken mijn traanbuisjes minder goed. Daardoor drogen mijn ogen sneller uit en ontstaan er beschadigingen aan het hoornvlies en daardoor is het niet uitgesloten dat het grote zichtverlies toch wel een indirect verband heeft met het syndroom.”
Door deze combinatie van factoren werd zijn zichtveld bijna volledig aangetast. Veldman ziet erg wazig en heeft last van kokervisie. Een grote klap, maar hij ging niet bij de pakken neerzitten. Jarenlang trainde hij bij atletiekvereniging Isala ’96 in Kampen. “Ik liep afstanden van tien kilometer. Op een atletiekbaan voel ik me veilig en vrij. Daar kun je ook in je eentje niet verdwalen of ergens tegenaan lopen.”
Een tocht naar Santiago de Compostella of een wandelavontuur door de Zwitserse Alpen is echter van een heel andere orde, zeker op plekken in Zwitserland waar nauwelijks paden zijn. Veldman ondernam dat avontuur niet alleen. “Aan de tocht in Zwitserland deed ik mee met twee goede vrienden die ook een visuele beperking hebben. We waren met vijf mensen met een visuele beperking en zeven buddy’s die onze gidsen waren. Je bent letterlijk aan elkaar gekoppeld en moet elkaar volledig vertrouwen.”
Dat vertrouwen is vooral bij het afdalen essentieel. “Bij het klimmen draait het om kracht en conditie. Omdat ik regelmatig sport ging dit me goed af. Afdalen is lastiger, want ik zie totaal geen diepte.” Vallen gebeurde nauwelijks. “Niet op mijn gezicht”, lacht hij. “Ik heb mezelf aangeleerd om door mijn knieën te zakken wanneer het onstabiel wordt. Als ik uitglijd, kan ik me gecontroleerd laten vallen naar beneden.”
Die aanpak werkte: met dagafstanden van meer dan tien kilometer en hoogteverschillen tot achthonderd meter kijkt Veldman terug op een geslaagd avontuur. Toch noemt hij het zelf, in alle bescheidenheid, liever geen sportieve prestatie. “Ik deed mee omdat ik werd meegevraagd. Het was vooral een heel mooie ervaring en avontuur: plekken waar geen auto kan komen en waar je zelf je weg moet vinden zonder paden. We hebben zelfs in primitieve berghutten overnacht.”
Momenteel houdt Veldman zijn conditie op peil in de sportschool samen met een vriend die ook toevallig een visuele beperking heeft. Hardlopen doet hij voorlopig niet meer. “Ik kreeg te veel last van mijn knieën. Mijn podoloog raadde hardlopen af vanwege de te zware belasting voor mijn gewrichten. Hij was er sowieso vanaf het begin geen voorstander van. Omdat ik qua voetlengte slechts maat 36 heb, maar 42 in de breedte, is het voor mij heel lastig om passende schoenen te vinden. Op een gegeven moment moet je verstandig zijn en niet te veel forceren. In de sportschool train ik alles: borst, armen, core en benen. Ik wil fit blijven.” Nieuwe avonturen sluit Veldman niet uit. “Ik zou heel graag nog eens naar Nepal willen, de Himalaya beklimmen,” zegt hij.
Daarmee onderstreept hij opnieuw zijn levensmotto: hindernissen zijn er om te overwinnen. “Je moet je niet door anderen laten vertellen wat je wel of niet kunt. Als kind droeg een leraar me op om te leren typen, omdat schrijven niet zou lukken voor mij. Ik wilde het graag net als iedereen kunnen en… het is me gewoon gelukt. Je bent zelf het vindingrijkst als het om jouw eigen uitdagingen gaat.”
Serie interviews
Bovenstaand artikel is een aflevering in een serie interviews die De Brug publiceert over individuele sporters. Beoefen jij ook een sport waar je heel veel tijd en energie in steekt en lijkt het je leuk om daarover te vertellen? Mail dan naar sportredactie@brugmedia.nl. Leeftijd en sport maken niet uit: het is de passie die telt.























