
Heijungs beleeft zijn ’revival’ op beiaard Nieuwe Toren tijdens Zomeravondconcert
· leestijd 1 minuut Algemeen(door Maarten van Gemert)
KAMPEN – Aanstaande vrijdag 7 juli neemt Jeroen Heijungs plaats bovenin de Nieuwe Toren. Hij verzorgt om 19.30 uur het vierde Zomeravondconcert op het carillon in de binnenstad. Als groot muziekliefhebber heeft hij toch decennialang ander werk gedaan. Daarom spreekt een festival in Utrecht, waar hij met een Kamper collega speelt, over zijn ’revival’. Na klassieke werken en een zelf samengestelde ’suite’ belooft hij vrijdag het beiaardconcert swingend af te sluiten.
Heijungs studeerde orgel en klavecimbel aan het Stedelijk Conservatorium in Arnhem bij Bert Matter en Kees Rosenhart. Hoewel muziek zijn grote liefde was, werkte hij lang in de automatisering als systeembeheerder. Na dit intermezzo van ruim 35 jaar heeft hij de muziek weer opgepakt. Sinds september 2020 studeert hij aan de Nederlandse Beiaardschool in zijn woonplaats Amersfoort. Voor het Zomeravondconcert put hij uit zijn examenrepertoire.
Revival
Over twee maanden speelt Jeroen Heijungs samen met de Kamper organist en dirigent Sander van den Houten op het festival Oude Muziek in Utrecht. Hun beiaardconcert valt binnen het fringeprogramma, een springplank voor aanstormend talent. Beiden zijn gelouterde musici maar Heijungs doet dit jaar eindexamen voor zijn master. Voor Van den Houten is het beiaardklavier een verruiming van zijn muzikale horizon.
Het festival hanteert dit jaar als thema ’Revival’ (herleving). De organisatie Oude Muziek kondigt Heijungs’ recital aan als zijn ”eigen revival”. Zo beleeft Heijungs het ook nu hij de wending in zijn leven van 35 jaar geleden terugdraait. Hij blijkt goed thuis te zijn in de materie. „Oorspronkelijk beiaardrepertoire is zeldzaam, zeker als het gaat om oudere muziek,” vertelt hij, „maar er wordt heel veel muziek bewerkt.” Voor vrijdag heeft hij een soort suite samengesteld uit muziekstukken die overgeleverd zijn van Louis Couperin uit de zeventiende eeuw.
Experiment
Het eerste deel van zijn suite noemt Heijungs een ”ongemensureerd preludium” waarbij de Franse luitisten slechts de toonhoogte noteerden en met bogen wat bij elkaar hoort. Het ritme is vrij te bepalen door de uitvoerder. Of dit ook zou werken op een beiaard, was een (geslaagd) experiment voor Heijungs omdat op een beiaard de klokken na aanslag door blijven klinken.
Van Bach heeft hij de Luitsuite nr. 3 (BWV995) bewerkt voor beiaard, in navolging van wat Gustav Leonhardt eerder deed voor klavecimbel. Deze suite is ook bekend als Cellosuite nr. 5 (BVW1001). Hiervan zijn meerdere afschriften uit de achttiende eeuw overgeleverd. Wat Heijungs betreft zou hij net zo lief een uur lang barokmuziek spelen. Hij eindigt echter met een modern stuk van Joey Brink, die zelf beiaardier èn jazzpianist is.
Swingend
Zo belooft Heijungs vrijdagavond vanuit de Nieuwe Toren ”zeer swingende, licht funky en jazzy en ritmisch erg spannende carillonklanken” over de Kamper binnenstad uit te spreiden. Met koffie of thee en een programmaboekje ook te beluisteren in het Hof van Breda, de luistertuin aan de Marktsteeg. Een revival voor aloude muziekwerken van Couperin, Schubert en Bach èn voor Jeroen Heijungs.
![]()




























