
Jubilerende Kleine Komedie trekt volle zaal met ‘Rollator revolutie’
· leestijd 1 minuut Algemeen(door Huib Strengers)
In het najaar van 1967 was er een feestavond van het CMV (Gedenk het Woord). Er werden allerlei toneelstukjes opgevoerd en Evert Kist kwam met de vraag of er niet een vaste toneelgroep gevormd kon worden. Op 18 mei 1969 werd bij notaris De Jong de akte getekend en de Kleine Komedie was een feit. Er zijn heel wat stukken gespeeld sinds 1969, zoals onder andere Op hoop van Zegen, Sil de Strandjutter en Anne Frank. Zestien spelende leden telt de toneelvereniging, met Henk Wielink als regisseur en Arnold Kuiper als decorbouwer.
Voor het jubileum, afgelopen zaterdagavond in een afgeladen stadsgehoorzaal, was een eigentijds stuk uitgekozen, ‘de Rollator Revolutie’, geschreven door Maurits Keijzer. Door de bezuinigingen moeten twee bejaardentehuizen fuseren tot een ‘Woonzorgcentrum van de Derde leeftijd’. De fusie gaat niet op rolletjes. In het chique rusthuis Edelenburcht en het volkse de Plets kunnen de bewoners elkaar niet luchten of zien, intriges en scheldpartijen zijn aan de orde van de dag. De jubilerende toneelvereniging had er voor gekozen dat bepaalde actrices in het Kampen hun frustratie uiten, zoals de vrouw die tegen een stoel sprak en dacht dat ze met haar man sprak. Dat sloeg goed aan bij de toeschouwers.
Arm en rijk
De bewoners van de twee bejaardentehuizen hebben er veel moeite mee dat in deze moderne tijd, arm en rijk als gelijk worden beschouwd, en dan blijkt de directrice van het zorgcentrum ook nog een vriendin is van de minister van Sociale Zaken. Met luide stemverheffingen wordt de onmin naar voren gebracht. De aanwezigen in de Stadsgehoorzaal vinden het allemaal prachtig, ‘Kamper Volksvermaak’, aldus Rob van der Weerd.
Een spannend moment is als een grote, letterlijk en figuurlijk, man op het toneel verschijnt met de vraag of hij een nachtje kan blijven. Een paar dames ‘vallen’ op hem, maar Niek, gespeeld door Lourens Hooisma, heeft andere zaken voor ogen en zo verdwijnen wat juwelen in zijn zak en heeft hij verschillende verschijningsvormen.
Het echte oproer ontstaat als de verpleeghulp wordt ontslagen, de directie straffen uit gaat delen en de inwoners bovendien allerlei beperkingen worden opgelegd. Dan gaan de inwoners de directrice en haar rechterhand gijzelen. De politie moet er aan te pas komen.
Ondanks dat er veel gelachen werd, duurde het stuk best lang en had misschien in de tekst wat geschrapt kunnen worden, maar de spelers, Fenny Kuiper, Jeany van Ommen, Geke Dalsem, Hannah de Gelder, Gedy van Essen, Eline de Lange, Roos, Arisca Wiegersma, Henny de Moor, Lourens Hooisma en Henk Witman deden niet voor elkaar onder.
Een mooi jubileum, met na afloop feest in de Foyer met Jac Ruiten als muzikant.



























