
De Olifant viert honderdste geboortejaar Tinus Vinke
· leestijd 1 minuut Ondernemen in Kampen‘We hebben twee machines die productie draaien, en we zijn ook (weer) gestart met hele speciale handgemaakte sigaren’, vertelt Thomas Klaphake van De Olifant. ‘We gaan volgend jaar Tinus Vinke zijn honderdste geboortejaar vieren. Zeven jaar geleden overleed hij. Tinus heeft Maaike en Marjolein het met de hand maken van sigaren geleerd. Zij maken nu met de hand de zogeheten ‘Tinus shortfiller handgemaakt’.
Daarnaast concentreert Klaphake zich met De Eenhoorn aan de Oudestraat al tientallen jaren op koffie en thee. ‘We hebben nu nog een ploeg van vijftien mensen, maar in hoogtijdagen werkten we hier met vijftig, waarvan maar liefst tachtig procent in de sigarenindustrie.’ De volumeproductie van de sigaren is in goede handen bij een Belgische partner VandermarliereCigarFamily (VCF). ‘Wij kopen zelf nog steeds de tabak in, doen de bemonstering en het testen van de sigaren, en hebben hier nog kleine productie handgemaakte sigaren.’
Groot feest?
En het feestje van tweehonderd jaar sigaren in Kampen? Wordt dat ook groots gevierd? ‘Ik mag als fabrikant mijn product - de sigaar - niet promoten, dus nee, geen groot feest vanuit De Olifant; op straffe van een flinke boete’, klinkt het. ‘Vanuit historisch perspectief hoop ik dat er wel iets gaat gebeuren, maar ik kan niet mijn eigen feestje vieren.’ Kampen is vanaf 1826 een sigarenstad geworden. Het heeft Kampen, net als met de BK pannen later, veel welvaart gebracht, vertelt hij. ‘Probeer je maar even een beeld te schetsen van begin 1900; tijden waarin maar liefst veertig procent van de beroepsbevolking actief was in de sigarenindustrie. En in de jaren zeventig - onder aanvoering van Kampen als hoofdstad van de sigarenindustrie in Nederland - heeft Nederland de status behaald van de grootste producent van sigaren wereldwijd.’ Kortom: dat is wel een feestje waard, zou je zeggen.
‘Wil geen museum zijn’
‘Op de laatste Monumentendag kregen we tussen de 750 en 800 bezoekers. Maar ik wil geen monument zijn, geen museum. Ik wil een stoere productlocatie blijven waar je het sigaren maken kunt bewonderen.’ De historische waarde van de locaties aan de Oudestraat en Voorstraat wordt bij de gemeente beslist ingezien, weet hij. ‘Maar de gemeente heeft eigenlijk hetzelfde probleem als ik. Zij mogen als overheidsorganisatie niks doen ten aanzien van tabakspromotie. Met de WHO is afgesproken dat tabak flink moet worden aangepakt. Dus moet een eventuele viering worden gezien vanuit cultuurhistorisch perspectief…’ Hij hoopt dat anderen dit zullen oppakken. Zoals wellicht vanuit de Broederband ‘die oorspronkelijk verbonden was aan een sigarenfabriek’. En ook DEV, het koor, was aan een sigarenfabriek verbonden, stelt hij. ‘Ik kan me voorstellen dat zij de viering tweehonderd jaar sigarengeschiedenis in Kampen niet zomaar aan zich voorbij laten gaan.’ En hij zelf? ‘Een ludiek feestje met medewerkers, meer niet…’





























