
‘De duels in de nacompetitie zal ik mij lang herinneren’
· leestijd 2 minuten SportKAMPEN - Hij speelde dit seizoen alle wedstrijden voor KHC, promoveerde met die club, maakte 20 treffers en werd tweede in de Salverda Topscorers Trofee. Je kunt gerust spreken van een bijzonder geslaagd seizoen voor aanvoerder Leroy Knol. Sprekend in de ‘wij’ in plaats van de ‘ik-vorm’ stroomt het het blauwwitte bloed door de aderen van de voetballer die al sinds zijn geboorte lid is.
Dat moet je alleen niet verwarren met valse bescheidenheid. Want hoewel KHC geen voetbalvereniging is waar spelers naast hun schoenen lopen, was juist het geloof in eigen kunnen een van de sterke punten in het afgelopen seizoen. Knol: “Vorig jaar onder trainer Kenan Dormusoglu werden we al vierde en beleefden we een prima seizoen. Daarnaast hadden we gewoon een goede mix van echt ervaren spelers, beweeglijkheid en goede vleugelspelers. We realiseerden ons toen al wel dat er misschien wel eens een keer meer in zou kunnen zitten dan alleen leuk mee voetballen in de eerste klasse.”
Wel heeft Knol moeten wennen aan het feit dat KHC werd ingedeeld in de regio noord. Allereest al qua entourage met relatief onbekende tegenstanders. Daarnaast is de eerste klasse noord ook wat betreft voetbal wel degelijk anders dan oost. In zijn algemeenheid kan je volgens Knol stellen dat de bovenste clubs heel sterk waren en het verschil met de onderste ploegen relatief groot was. Een blik op de lijst met uitslagen lijkt dat te bevestigen. KHC wist enerzijds te imponeren en anderzijds van de top-3-clubs ONS Sneek, ‘d Olde Veste en Flevo Boys niet eenmaal te winnen. Dat beeld verdient echter enige nuance. Knol: “Een journalist vroeg mij in de winterstop wat er nodig was om met KHC het laatste stapje naar de top te zetten. Punten pakken tegen de bovenste clubs antwoordde ik hem. Helaas is dat niet gelukt, maar daar staat wel tegenover dat we na de winterstop in twee van de drie duels tegen dit rijtje ook konden winnen. In die zin hebben we wat pech gehad.”
Waar Knol zich dan weer gelukkig mee mag prijzen, is dat hij vrij bleef van blessureleed. Al is zijn manier van trainen en het zuinig zijn op zijn lichaam daar mede debet aan. “Ik ben, even afkloppen, nooit langdurig geblesseerd geweest. Wel heb ik vaak pijntjes, een wat stijf lichaam en duurt mijn herstel relatief lang. Daar moet ik bewust rekening mee houden.” De pijntjes hebben daarnaast te maken met de energie die Knol in de wedstrijden legt. Inherent aan zijn manier van voetballen en zijn positie op het veld is dat hij veel meters maakt om zich binnen de zestien te melden. Begonnen als nummer 10 schoof hij dit seizoen door naar de 9.
Gevraagd naar de voor hem mooiste wedstrijden van het afgelopen seizoen hoeft Knol niet lang na te denken. “Ik denk dat voor ons allemaal toch wel de nacompetitie zal bijblijven. Daarin wonnen we van Vierde Divisionist Longa, domineerden we tegen WVV in Winschoten en speelden we een prima finale tegen DZC ‘68”, aldus Knol. De rest is geschiedenis. KHC speelt volgend seizoen op het hoogste niveau ooit voor de club. Met wel veel tegenstanders die oude bekenden zijn.
Het belooft daarmee een heel mooie competitie te worden. Dat gezegd hebbende valt of staat alles met resultaten. KHC zal het moeten stellen zonder smaakmakers als Illias el Morabit en Husham Ali. Ook doelman Steven Vonk vertrekt. Daar staat tegenover dat met de komst van doelman Rodney Rosink er een kind van de club terugkeert. Inmiddels heeft KHC ook centrumspits Walter Dias Nzasi weten in te lijven, die in het verleden onder meer uitkwam voor tweede divisionist HHC. Andere versterkingen zijn aanvaller Bas Broekhuizen en flankspeler Giorney Rojer.
Knol kan nog niet inschatten hoe sterk de Vierde Divisie is en waagt zich niet aan een voorspelling. “In Longa troffen we een Vierde Divisionist en daar wisten we van te winnen. Maar om daar conclusies uit te trekken gaat veel te ver. Waar je echt staat als team blijkt pas als je zes acht wedstrijden hebt gespeeld, maar ik heb er absoluut vertrouwen in.”





























