Wibi Soerjadi.
Wibi Soerjadi. Foto: Frank Doorhof.

Wibi Soerjadi in Stadsgehoorzaal

· leestijd 3 minuten Algemeen

(Interview: Mirjam Preusterink)

KAMPEN - Vaak zijn het de kleine dingen die mij emotioneren. Het hoeft niet groot of overweldigend te zijn. Een blaadje dat uit een boom naar beneden dwarrelt, een zingend vogeltje of een eekhoorn die op een tak springt. Wibi was nog maar een kind toen zijn ouders hem meenamen naar een concert. Hier ontdekte hij de piano en was gelijk verkocht.  

“Toen ik luisterde, was het alsof de tijd stil stond. Die pianist, die vleugel. Pure magie. Dit is wat ik wil!” Zijn pianolerares kon hem al snel niet meer bijhouden en op het conservatorium studeerde hij cum laude af. De rest is geschiedenis. Wibi is één van de grootste Nederlandse pianisten en zit inmiddels al 40 jaar in het vak. In de Stadsgehoorzaal in Kampen speelt hij op 30 november om 20.15 uur een jubileumconcert. 

De zomerconcerten in de tuin van zijn Villa Peckedam in Diepenheim waren in een mum van tijd uitverkocht en zijn net achter de rug. Maar tijd om uit te rusten heeft hij niet, Wibi zit boordevol plannen voor de komende maanden. Geïnteresseerd hiernaar had ik een zeer plezierig telefonisch gesprek met deze excentrieke meester van de floating fingers.

Wibi kun je de lezers iets vertellen over de concerten die gepland staan voor de komende maanden? “Ik ben druk bezig met de voorbereidingen. Zondag 10 december speel ik in de grote zaal van Tivoli Vredenburg, dat wordt een prachtige avond. Aan deze zaal heb ik bijzondere herinneringen omdat ik daar als 19-jarige mijn eerste cd heb opgenomen, nadat ik prijswinnaar werd op Het Internationaal Liszt Concours in 1989 ook in Tivoli Vredenburg. Maar het hoogtepunt van het jaar is wel het optreden op 27 december in het Amsterdams Concertgebouw. 

Heb je ook een vast ritueel vlak voordat je het podium op gaat? “Ik heb altijd een Rubik’s-kubis bij mij. Je weet wel met die kleine gekleurde vakjes. Daar ga ik mee aan de slag vlak voor een concert, zo word ik geestelijk scherp. (lachen) Dit is eigenlijk wel een gekke tik van mij.”

Je hebt een zittend beroep. Hoe blijf je lichamelijk fit en vitaal? “Ik sport veel. Ik doe dagelijks Muscle Ups, het is één van de meest effectieve krachttraining sporten. Tijdens deze oefeningen worden al mijn spieren getraind. Maar mijn grote passie is toch wel paardrijden. Wanneer ik op de rug van mijn paard zit, ben ik in een hele andere wereld. Pepper, mijn dalmatiër gaat dan ook mee. Dit is pure ontspanning voor mij. Met piano communiceer je met klanken, maar dieren proberen je ook altijd iets te zeggen. Wanneer ik ’s morgens de enthousiaste kwispelende staart van Pepper zie, kan mijn dag niet meer stuk.”

Je ouders zijn helaas overleden, stonden zij achter jouw keuze om pianist te worden? “Mijn vader was doctor in de wiskunde. Hij vond het eerst niet leuk dat ik naar het conservatorium ging. Hij wilde het liefste dat ik wiskunde ging studeren. Maar hij respecteerde al snel mijn keuze. Ik heb een hele fijne jeugd gehad, mijn ouderlijk huis was mijn veilige haven. Ik kon altijd mijzelf zijn.”

Op wie lijk je dan het meest? “Mijn vader is heel exact. Mijn moeder heeft sociologie gestudeerd en heeft meer een gevoelige kant. Ze zijn elkaars tegenpolen en het grappige is dat ik van allebei een beetje heb meegekregen.”

Je lijkt mij een gevoelsmens. Wat emotioneert je? “Vaak zijn het de kleine dingen. Het hoeft niet groot of overweldigend te zijn maar juist de bekoring en het subtiele van het kleine raakt mij enorm. Een blaadje dat uit een boom naar beneden dwarrelt, een zingend vogeltje of een eekhoorn die op een tak springt. Mijn ouders hebben mij altijd geleerd: hou al je zintuigen open, want de mooiste dingen gebeuren vaak heel dichtbij.” 

Je bent een Disney-fan. Waar komt die enorme liefde vandaan? “De verhalen in mijn muziek zijn vaak ernstig en zwaar. De sprookjes van Disney zijn heerlijk licht en daardoor een tegenhanger. Ik zoek heel vaak naar een contrast. Het verfijnde en subtiele van het pianospel tegenover de actie van het paardrijden en het lichamelijke zware Muscle Ups. Maar ze hebben een duidelijke gelijkenis, ik doe het allemaal met passie. En dat zorgt voor veel energie en maakt mij heel gelukkig.”

Ben je weleens gevraagd om Disney-muziek te componeren? “Nee, dat niet. Ik heb wel een keer een bijzonder concert mogen geven ter gelegenheid van 50 jaar California in Disneyland Paris. Ik heb toen een muziekmix gemaakt op allerlei Disneyklassiekers. Disneyland Paris maakte vervolgens een chorografie van vuurwerk op de maat van de muziek. Dat was fantastisch.”

Hoe lang ga je door met piano spelen?  “Nog heel lang. Elke dag verbeter ik mijzelf. Met het pianospel zijn er zoveel kleine bewegingen, het kost zoveel tijd om dat goed te beheersen. Ook al word ik ouder, ik hou mijzelf niet in. Ik ben en blijf een wervelwind. (lachen) Eigenlijk heb je wel 80 jaar nodig om goed te kunnen piano spelen. Ik ben nu 53 jaar, dus ik mag nog wel even.”

Wibi Soerjadi speelt op 30 november in de stadsgehoorzaal in Kampen.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op  www.vijftigplusonline.nl.