De laatste...

· leestijd 2 minuten Algemeen

Anneke van der Velde, voorganger Vereniging van Vrijzinnigen schrijft periodiek een column over haar observaties tijdens haar werk en leven.

Het was laat in de middag toen ik bij haar op bezoek kwam. Ik kende haar al van de vorige keren dat ze in het revalidatiecentrum was opgenomen. Telkens weer ging het niet goed met haar en was er opname nodig. Ze was afkomstig uit Afrika, maar ze sprak goed Nederlands. Als we samen een gedeelte uit de Bijbel lazen, nam ze altijd op haar telefoon de vertaling in de haar vertrouwde taal erbij. Hoe goed je ook een nieuwe taal leert spreken; het geloof dat je als kind hebt overgedragen gekregen van je ouders, hoor je toch het liefst in je moedertaal.
Haar naam is Astrid. Ze is naar Nederland gekomen vanwege de liefde voor Bart. Bart is het type ‘ruwe bolster, blanke pit’. Hij geeft overal luidkeels zijn mening over, onderbreekt Astrid vaak, en toont niet snel zijn gevoelens. En toch doet hij alles voor haar. Onlangs is hij nog drie keer heen en weer naar huis gefietst om de favoriete broek van Astrid te halen. Hij had niet meteen door welke dat was..
Astrid is diep gelovig; Bart niet. Althans, hij laat geen gelegenheid voorbijgaan om dat te verkondigen.Voor Astrid is dat wel eens moeilijk, maar ze heeft geduld. En ze ziet ook, dat Bart zijn best doet om haar in haar geloof te respecteren. Toen ze niet naar de kerk kon, met Kerst, omdat ze opgenomen was, is hij met zijn mobieltje naar de dienst gegaan om alles voor haar op te nemen, en live iedereen haar de groeten te laten doen. Astrid was er verguld mee.
Toen ik vorige week bij Astrid op bezoek was, vroeg ik haar wat haar bezig hield. Ze vertelde me, dat ze net een gesprek had gehad met Bart die haar gevraagd had: ‘Als God bestaat, waarom ben jij dan elke keer zo ziek?’ Als God liefde is, waarom is er dan lijden? Waarom laat God dat toe?’ Ik kreeg het warm, omdat ik dacht dat Astrid nu het antwoord van mij verwachtte. In mijn hoofd popten de antwoorden op, die er zoal te geven zijn op dergelijke vragen. Bijvoorbeeld; God heeft de mens als vrij wezen geschapen, met een eigen verantwoordelijkheid. Of: het kwaad speelt zijn eigen rol, en God laat dat toe. Of misschien: we leren van het lijden en van het kwaad, en God geeft niet meer dan wij kunnen dragen. Een ander antwoord: Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, we zien nu wat hij voorheeft met ons leven als de achterkant van het tapijt, maar later, in de hemel… Mijn hoofd maakte overuren om alle antwoorden op een rijtje te zetten om Astrid te helpen te reageren op Barts vragen.
Maar Astrid had haar antwoord al. Ze zei: ‘Ik moet geduld hebben en bidden dat God zelf Bart het antwoord zal geven’... Ik vond dat zò wijs. We wurmen ons vaak in bochten om het geloof ‘kloppend’ te krijgen. We proberen overal een antwoord op te bedenken, ook al zijn de vragen veel te groot en te weerbarstig. Astrid laat het over aan de Eeuwige. Hij werkt in levens, ook in dat van Bart. En het antwoord op zijn vragen, daar waagt Astrid zich niet aan, omdat ze uit eigen ervaring weet, dat een mens die zelf moet ontdekken en formuleren
Als dat al lukt...

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.