
Grenzeloze muziek, dichtbij gebracht: ‘Voor ons is er alleen interessante of oninteressante muziek.’
· leestijd 2 minuten Algemeen(door Hans Laroes)
KAMPEN - Als kind was David Faber, cellist van het Dudok Quartet Amsterdam, al gefascineerd door de ruimte. Uren bracht hij door in het Spacecentrum in Noordwijk, dromend van sterren en planeten. Die verwondering over het oneindige heeft hij nooit losgelaten. “Ik ben gewoon een typische nerd. Sciencefiction, het blijft trekken.”
Nu neemt hij die fascinatie mee naar Kampen, waar van 22 tot en met 25 mei de Dudok Muziekdagen worden gehouden. Het internationaal gevierde Dudok Quartet Amsterdam is net als vorig jaar samensteller van het festival. Het thema dit jaar: ‘Grenzeloos’.
Vorig jaar was het festival een verrassend groot succes. Vier dagen lang werd Kampen omgetoverd tot een muzikale ontdekkingstocht, met grote namen als Pieter Wispelwey en Hannes Minnaar, en een publiek dat zich ook zonder stropdas of voorkennis mocht laten meeslepen. Dit jaar wordt die lijn doorgetrokken, met opnieuw een elftal aan topmusici, onder wie sopraan Elisabeth Hetherington, blokfluitist Erik Bosgraaf en pianist Xavi Torres.
“Voor ons draait het niet om stijlen of stromingen,” zegt Faber, die niet gevangen wil worden in conventies. “Er is interessante muziek en er is oninteressante muziek. Meer hoeft het niet te zijn.”
Elk lid van Dudok cureert een eigen avondprogramma binnen het grote thema. Voor Faber is ‘Grenzeloos’ letterlijk: zijn concert draait om het onbereikbare, het mysterieuze – net als het heelal.
Zijn programma opent met een bewerkte versie van de monumentale Gurre-Lieder van Schoenberg, ooit geschreven voor honderden musici. Nu met het elftal van Kampen. Verder klinken Beethovens ‘An die ferne Geliebte’ – een ode aan een onbereikbare liefde. “Superromantisch, en net als de liefde: op het hoogtepunt alweer voorbij,” zegt Faber glimlachend. Plus een nieuw werk van Max Knigge, ‘De Chroniqueur’, waarin muziek en beeld samen een sciencefictionverhaal vertellen.
Faber wil niet uitleggen hoe je moet luisteren. “Ik hoop dat mensen het als een trip ervaren. Laat je gewoon meenemen.” De afwisseling van de concerten moet juist iets oproepen wat je niet snel loslaat.
Bijzonder aan dit tweede festival is de nieuwe samenstelling van het muzikale elftal. Vorig jaar waren het vooral vrienden, nu zijn het bewonderde collega’s – maar niet allemaal bekenden. “Dat maakt het spannender. We weten niet precies wat we krijgen. Maar dat is ook de charme.”
Naast concerten op bijzondere plekken in Kampen – kerken, pleinen, historische zalen – zijn ook drie van de monumentale orgels dit jaar onderdeel van het programma. “Het orgel: door Bach beschouwd als het ultieme instrument. Dat willen we laten horen.”
Ook schrijver en denker Maxim Februari is van de partij. Zijn bijdrage – een lezing – moet zorgen voor verdieping, voor gedachten die blijven hangen. “Iets waarop je kunt teren,” aldus Faber.
Het Dudok Quartet wil geen gladgestreken programma waar alle kleuren samensmelten tot één bruine kleibal. De dagen mogen juist schuren, botsen, prikkelen. “Voor ons is het alsof je je oude Passat even inruilt voor een Ferrari,” zegt Faber. “Je mag knallen.”
En dat doen ze, in Kampen. Grenzeloos, maar dichtbij.




























