
Nog even dit... Stad op Stelten
· leestijd 2 minuten AlgemeenVan meerdere kanten tegelijk gaat Kampen op de schop. Zowel de kleinschalige, feeërieke Botermarkt als de omvangrijkere Nieuwe Markt gaan op de schop. Beide pleinen, gelegen in het centrum van de oude binnenstad, krijgen een volstrekt nieuw aanzien. Het herinrichten van de Botermarkt duurt tot begin maart dit jaar, dat van de Nieuwe Markt tot begin juli, meldt Communicatie adviseur Projecten Fysiek Domein, Janet Veenstra.
Gedurende die periode verhuist de wekelijkse zaterdagmarkt van de Nieuwe Markt naar de Burgwal, ter hoogte van de Meeuwenbrug aan de Kalverhekkenweg. Daar vindt nu al wekelijks de maandagmorgenmarkt plaats. Zodra de hele klus is geklaard keren beide markten als vanouds terug naar de Nieuwe Markt. De herinrichting van de Botermarkt en Nieuwe Markt maakt deel uit van het zogeheten ontwerp ‘Vijfpleinengebied’: een initiatief van de gemeente om vijf pleinen en pleintjes in de stad aantrekkelijker te maken als openbaar ontmoetingspunt, met veel schaduwrijke beplanting. De Nieuwe Markt verruilt zijn functie van ruime parkeerplaats in de binnenstad voor een gezellig plein, compleet met gerieflijk terrasmeubilair, boompartijen, frisse struikbeplanting en zelfs sierlijke fonteintjes. Wel blijft de Nieuwe Markt traditioneel inzetbaar voor evenementen, met de muziektent uit 1872 als merkteken.
‘In april vorig jaar zijn omwonenden, marktkooplui, ondernemers en overige betrokkenen al door de gemeente over de hervormingen ingelicht,’ vertelt Janet. De vervolgbrief met uitleg dat met de Botermarkt werd begonnen bereikte mij eerst toen de graafmachines daar al ronkten. Geen nood, dit ijverige weekblad had er inmiddels over bericht, compleet met foto bij het artikel waarop te zien was dat de wethouder bijna eerbiedig geknield op het pleintje officieel het eerste steentje uit de bestrating had weggenomen. Daarmee trots poserend voor de persfotograaf, zoals men in vroeger tijden vinders van het eerste kievitsei in kranten zag afgebeeld.
De werkzaamheden aan de pleinen, met afzettingen en omleidingen van dien, belasten nog eens extra de ingewikkelde verkeerscirculatie in de Kamper binnenstad. De gemeente berichtte de bewoners ook daarover. Schriftelijk, zoals in vroeger tijden, want de generatie die nog papieren post doorneemt is niet geheel en al uit de gedigitaliseerde samenleving verdwenen. Bij die uitleg voegde de gemeente een aantal plattegrondjes toe waarop de diverse omleidingen – voor fietsers en gemotoriseerd verkeer afzonderlijk – schetsmatig werden toegelicht. Helder in kleur, wat de pijn toch nog iets feestelijks gaf. Weggebruikers van buiten de stad, verschoond van dat schrijven, zien zich plotseling voor de vraag gesteld: ‘Ik ben de stad nu wel in, maar hoe kom ik er weer uit?’ Een nadeel met toch ook een voordeel. Kampen telt 500 monumenten en die pik je dan in één rit mee. Bovendien kent de televisie wel gekkere spelprogramma’s met publiek zwetend in de hoofdrol.
Wist u trouwens dat de Botermarkt in de late middeleeuwen als begraafplaats deel uitmaakte van de Broederkerk, toen nog het Broederklooster? Men zit daar op gewijde grond vreedzaam aan de koffie waar gelovigen van eertijds rustten. Eenmaal strak heringericht met bloembakken en compact groen kunnen fietsers in Kampen Catootjes vredige Botermarkt niet langer meer met redeloze haast naar het eind verstoren.
Ook de Nieuwe Markt, vrijwel gelijktijdig met de Botermarkt in revisie, was in de middeleeuwen deels begraafplaats, bij de minderbroederkloosterlingen die er tegelijk hun moestuin hadden. Een wel erg treffend samengaan van groei en vergankelijkheid. Met de nieuwe uitstraling van de pleinen ingenomen tonen de bewoners en overige betrokkenen vrijwel unaniem begrip voor de overlast die de werkzaamheden tijdelijk met zich meebrengen. Mij bereikte dan ook maar één klacht. Die van een verontruste, nog zelfstandig wonende bejaarde bewoonster aan de Burgwal. Ze fulmineerde: ‘Now de Ni’je Markt op de kop stiet krieg ik de drukte van de zoaterdag én de moandagmarkt vlak veur de deure. Kan’k zo metene agies mien ‘uus niet meer uut.’ Een vrouw van al in de negentig, maar met nog zin in een weids leven en een afschuw van geraniums.
Henk de Koning




























