
Al 10 jaar hulp naar Irak vanuit Kampen: “Het mooiste is wanneer iemand weer toekomst durft te zien”
· leestijd 3 minuten AlgemeenHenk Jan van der Weerd (54) uit de Zande, Kamperveen is al ruim tien jaar betrokken bij stichting Hulp Irak. Sinds 2014 helpt de stichting mensen in Noord-Irak die door oorlog en geweld hun huis moesten verlaten. In de eerste jaren lag de nadruk op noodhulp, zoals kleding en schoolmeubilair. Tegenwoordig richt de stichting zich steeds meer op wederopbouw en traumahulp. Voor Van der Weerd begon zijn betrokkenheid met een praktische vraag. Twee initiatiefnemers van de stichting vroegen of ze tijdelijk een stukje van zijn schuur mochten gebruiken om hulpgoederen op te slaan. “Dat zou maar even zijn, maar dat ‘even’ werd uiteindelijk negen jaar.”
(door Thomas Reil)
Van schuur naar hulptransporten
Wat volgde was een enorme logistieke operatie. In negen jaar tijd vertrokken 69 vrachtwagens met hulpgoederen vanuit Nederland naar Irak. Vooral kleding en schoolmeubilair gingen mee. Volgens Van der Weerd hebben ze daarmee ongeveer twee miljoen mensen kunnen helpen. “Dat is eigenlijk bijna niet te bevatten. Twee miljoen mensen die een set kleding kregen.”
Ook werden zo’n 35 scholen ingericht met meubels van Nederlandse basisscholen. Tafels, stoelen en kasten kregen zo een tweede leven, duizenden kilometers verderop. De stichting werkt met een grote groep vrijwilligers. In een appgroep zitten ongeveer honderd mensen, terwijl een kleinere kerngroep intensief betrokken is bij het organiseren van acties en reizen naar Irak.
Reizen die indruk maken
Inmiddels reisde Van der Weerd zes keer naar Irak. Elke reis maakte diepe indruk. Wat hem het meest bijblijft, is de uitzichtloosheid die hij zag in de vluchtelingenkampen. “Destijds was ongeveer de helft van de mensen in dat gebied vluchteling of ontheemd. Nu is dat nog steeds zo’n 25 procent. Dat is één op de vier mensen.”
Veel gezinnen wonen al meer dan tien jaar in tenten. De kampen zijn oud en beschadigd en soms ontstaan er branden. “Mensen zitten daar al jaren, terwijl ze niet weten hoe hun toekomst eruitziet.”
In de regio waar de stichting werkt verblijven meer dan een half miljoen mensen in vluchtelingenkampen. Daarnaast wonen nog eens honderdduizenden ontheemden verspreid over dorpen en steden.
Verhalen die je bijblijven
Tijdens zijn bezoeken ontmoette hij veel mensen met ingrijpende verhalen. Vooral de situatie van de Jezidi-minderheid maakte diepe indruk op hem. Deze bevolkingsgroep werd zwaar vervolgd tijdens de opmars van ISIS.
Sommige ontmoetingen blijven voor altijd in zijn geheugen gegrift. Zo sprak hij, samen met mede bestuurslid Martin ten Caat, ooit een Jezidi-meisje van veertien jaar oud dat jarenlang gevangen werd gehouden door terroristen. “Onze eigen dochters waren toen ook veertien,” vertelt Van der Weerd. “Dan komt het ineens heel dichtbij. Dan voel je vooral verdriet en machteloosheid.”
De verhalen van meisjes die mishandeld en misbruikt zijn, laten hem niet los. Toch ziet hij bij veel slachtoffers opvallend weinig haat. “Je verwacht soms boosheid, maar die kom je nauwelijks tegen. Veel mensen zijn vooral verdrietig en radeloos.”
Hulp bij trauma en een nieuwe start
Na jaren van noodhulp richt stichting Hulp Irak zich tegenwoordig meer op wederopbouw. Een belangrijk project is de steun aan een traumacentrum voor Jezidi-meisjes die slachtoffer zijn geworden van geweld.
Daar krijgen ze psychologische hulp en leren ze een vak, bijvoorbeeld kapster of naaister. Na hun opleiding krijgen ze materiaal om een eigen onderneming te starten. “Het mooiste moment is wanneer iemand weer toekomst durft te zien, als een meisje na alles wat ze heeft meegemaakt weer een inkomen kan verdienen.”
Daarnaast wil de stichting investeren in kleine bedrijven in dorpen in het noorden van Irak, zoals bakkerijen, kapsalons of bandenservices. Het doel is dat mensen weer een bestaan kunnen opbouwen in hun eigen regio.
Geloof als drijfveer
Voor Van der Weerd speelt zijn geloof een belangrijke rol in zijn motivatie. Hij gelooft dat mensen er voor elkaar moeten zijn. “Voor mij hoort dat bij mijn geloof: God liefhebben en ook je naaste liefhebben.” Hoewel de stichting niet officieel kerkelijk is, delen veel vrijwilligers die motivatie. Soms worden tijdens hulpacties Bijbels uitgedeeld of Bijbelverhalen verteld aan kinderen in vluchtelingenkampen. Maar hulp is er voor iedereen. “We helpen christenen, moslims en Jezidi’s. Iedereen die hulp nodig heeft.”
Veerkracht
Wat hem misschien nog wel het meest raakt, is de veerkracht van de mensen die hij ontmoet. Veel gezinnen die nu in een vluchtelingenkamp wonen, hadden vroeger een goed leven. “De meeste mensen hadden twaalf jaar geleden gewoon een huis, een baan en een normaal bestaan.” Dat alles zijn ze kwijtgeraakt. Toch proberen ze door te gaan. “Als je ziet hoe mensen blijven hopen, ondanks alles wat ze hebben meegemaakt, dan maakt dat diepe indruk.”
Hoop voor de toekomst
Van der Weerd hoopt dat er ooit weer stabiliteit komt in Irak, zodat mensen kunnen terugkeren naar hun dorpen en steden en hun leven opnieuw kunnen opbouwen.
Zijn eigen droom zegt misschien wel alles. “Ik hoop dat er ooit een dag komt dat we niet meer naar Irak gaan om hulp te brengen, maar dat we er gewoon op vakantie naartoe kunnen.” Volgens hem zou dat het mooiste teken zijn dat het land echt hersteld is. “Irak is een prachtig land, met mooie natuur en ontzettend gastvrije mensen. Als het ooit zover komt, zou dat betekenen dat al dat lijden eindelijk voorbij is.”

























