Afbeelding
Gemeente Kampen

Column Jan Peter van der Sluis: Participatie is Kampen (deel 1)

· leestijd 2 minuten Politiek

“Weet je wat jullie zouden moeten doen” is een uitspraak die je als wethouder af en toe te horen krijgt. Overigens ben ik blij met signalen uit de gemeente, daarover geen misverstand maar soms lijkt het of er twee werelden zijn. Een van de inwoners en een van het bestuur. We leven in een mooi land met de beste democratie ter wereld. 

In schijnbare tegenstelling hiermee constateren we steeds meer een groeiende kloof tussen politiek en burger. Deze kloof is de laatste tijd landelijk ook niet echt gedicht. Ik denk aan de toeslagenaffaire, de gaswinning in Groningen, het coronabeleid, het verminderd geheugen van politici of de energiekosten die maar stijgen zonder dat de energiebelasting nu echt een weg terugvindt naar de belastingbetaler. Maar ook plaatselijk zijn de voorbeelden wel te bedenken. Te vaak korte termijn politiek.

Democratie is nog steeds het beste alternatief maar uit onderzoek blijkt dat een meerderheid vindt dat de overheid zelden of nooit in het belang van de burger handelt. Iedereen tevreden stellen zal overigens nooit lukken. De overheid is ook geen cafetaria waarin je precies krijgt wat je hebben wilt maar ik denk wel – en mijn collega’s met mij – dat de overheid de inwoner meer mee moet nemen in de ingewikkeldheid van besluitvorming. Leg uit en pak door. Participatie draait soms op een teleurstelling uit omdat iets juridisch, financieel of organisatorisch  toch niet kan of omdat simpelweg er andere belangen spelen met meer gewicht. De teleurstelling is dan geboren en de inwoner denkt terecht de volgende keer dat hem om inbreng wordt gevraagd ‘zoek het maar uit”.


Nu is het echter niet alleen de overheid die schuldig is aan deze kloof. Ook burgers hebben een taak te vervullen in de samenleving. Gelukkig gebeurt dat in onze mooie gemeente volop. Het bloeiende verenigingsleven is daar een heel mooi voorbeeld van. Veel mensen zetten zich vaak belangeloos in en bereiken heel veel.

Wel zijn het vaak dezèlfde mensen die de schouders ergens onder zetten. Het zijn ook vaak dezelfde mensen die zich wagen aan participatie: hoog opgeleid en van middelbare of oudere leeftijd. Het zou zeer wenselijk zijn als meer mensen zich zouden inzetten voor hun omgeving. Inwoners weten als geen ander wat waardevol is voor hun leefomgeving en waarom zouden we deze kennis niet veel meer gebruiken? Er is dus geen reden om inwonerparticipatie of de democratie maar bij het grofvuil te zetten. Ik las deze zomer het verhaal van het plaatsje Torres in Venezuela. Waar inwoners in bijeenkomsten op  honderden plaatsen meedachten over de keuzes die moesten worden gemaakt en de begroting opstelden. Dan gaat het om echte keuzes maken en verantwoordelijkheid nemen. Men accepteerde zelfs verhoging van belastingen nu ze het zelf voor het zeggen hadden.

Het gegeven voorbeeld  is misschien voor onze begrippen te extreem maar er zijn best belangrijke lessen te trekken; we hebben wat mij betreft meer ‘KAMPEN’ in de participatie nodig. 

KAMPEN staat dan voor Kaders, Acceptatie en Actief, Meedoen, Poen, Eenvoud, Noodzakelijk/Nu. Ik zal dit in een volgende column toelichten. Het is een model van de koude grond dat in mijn eigen hoofd zit en echt geen panklare oplossing is. We moeten inwonerparticipatie als onderdeel van de democratie nooit opgeven en het is meer dan eens per 4 jaar de gang naar de stembus te maken.  

Participatie is dan: deelnemen en verantwoordelijkheid nemen. En dat is al moeilijk genoeg. 

Deze column is geschreven door wethouder Jan Peter van der Sluis. 

Nick de Vries

Abonneer gratis

op de digitale krant en ontvang
deze wekelijk in je mailbox.