Afbeelding
Foto: aangeleverd

Kampen en de vergeten schipbruggen

· leestijd 1 minuut Algemeen

KAMPEN - Historisch onderzoeker Wilke D. Schram brengt binnenkort een boek over schipbruggen uit, waarin Kampen met paalbrug en brugschepen een prominente plek krijgt.

Kampen bouwde al in 1448 een eigen overgang over de IJssel: een paalbrug. Deventer en Zwolle protesteerden fel, maar Kampen zette door. Rond 1600 versterkte de stad die verbinding met twee à drie brugschepen om het laatste stuk van de oversteek te sluiten. Zo hield Kampen handel, reizigers en boeren in beweging over de rivier waaraan de stad haar bestaan dankt.

Schram beschrijft in Schipbruggen 1600-1952. Tussen veerponten en vaste bruggen hoe zulke drijvende bruggen werkten: geen pijlers in het water, maar een rij schepen met daarop een wegdek. Steden bezaten vaak de brug en stelden eigen regels op voor tarieven, vrijstellingen en openingstijden. Daardoor kreeg elke brug een eigen karakter en publiek, van melkmeisjes en kooplieden tot later fietsers, auto’s en vrachtwagens.

De IJssel vormde eeuwenlang het hart van dit netwerk. Steden als Westervoort, Doesburg, Zutphen en Deventer beheersten de techniek, maar ook Kampen zocht zijn eigen oplossing. De Kamper paalbrug en de inzet van brugschepen laten zien hoe de stad de rivier praktisch bedwong en zo de verbinding met het achterland veiligstelde. Die eigenzinnige aanpak past bij de geschiedenis van de Hanzestad, waar handel en bereikbaarheid steeds samen opgaan.

Zo’n schipbrug kende gedoe. Bij storm of kruiend ijs moest de brug naar een noodhaven; bij doortocht van schepen voer een deel uit de brug, eerst met mankracht en later met motoren. Wie de oversteek wilde maken, moest soms wachten. Bij hoog water stond het dek bol, bij laag water hol. Ingenieurs bedachten rond 1700 al verstelbare dekken, de zogeheten kakefeiten, die het hoogteverschil opvingen.

Na 1930 verschenen vaste verkeersbruggen en verdwenen de brugschepen gestaag uit het landschap. In Deventer liet Rijkswaterstaat aan de Worpse kant nog een stukje schipbrug op ware grootte nabouwen; het aanlegponton van het fietsveer rust er op kopieën van brugschepen. Daarmee blijft aan de IJssel een tastbare herinnering zichtbaar aan een techniek die ook voor Kampen van betekenis was.

In Zutphen herinnert een 125 jaar oud brugschip in de Museumhaven aan die tijd. Het schip kwam daar terecht nadat de stad in 1936 tijdelijk de overbodig geworden schipbrug van Vianen had geleend. Die kleine overblijfselen steken schraal af bij de omvang van het voormalige netwerk. Van de honderden brugschepen bleven er slechts enkele liggen in steden als Amsterdam, Arnhem, Vreeswijk, Gorinchem en Maastricht.

Schram zet die verdwenen wereld overzichtelijk op een rij. Zijn boek telt 250 pagina’s, is rijk geïllustreerd en kost 30 euro. De uitgave is vanaf 10 oktober 2025 te koop in de boekhandel en via de webshop van uitgeverij Verloren in Hilversum. Voor Kamper lezers biedt het boek herkenning én context: het laat zien hoe de stad zich al vroeg over de IJssel heen zette en daarmee het verkeer en de handel richting het achterland vormgaf.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.