Afbeelding
Foto: Brugmedia

Jans: ‘Wie geluk zoekt ontmoet uiteindelijk vooral zichzelf’

· leestijd 3 minuten Algemeen

KAMPEN – Iedereen streeft in het leven naar geluk. Maar waar vind je dat? Kampenaar Henk Jans stuurde een van zijn fictieve creaties op pad om dat uit te zoeken. In zijn nieuwe boek ‘Waar Welbevinden woont’ vindt de hoofdpersoon misschien niet het concrete antwoord waar je als gelukszoeker op hoopt. De nieuwe inzichten en perspectieven die het verhaal biedt, kun je echter koesteren.

De tekeningen die de kunstenaar, schrijver en muzikant wijdde aan ‘Wezen’, zoals het hoofdpersonage is gedoopt, zijn momenteel ook te bewonderen in een ruimte van het Ikonenmuseum. Het gesprek dat we onlangs hadden met Jans gaat echter sec over het boek, dat pas in maart wordt gelanceerd. Het beeldverhaal, zoals Jans het boek liever noemt, bevat ongeveer zeventig tekeningen (een tekening beslaat twee pagina’s) die samen het verhaal vertellen. Het begint op een lege vlakte waar Wezen zich de existentiële levensvraag stelt waar hij harmonie, zin en betekenis kan vinden. Vandaaruit begint een reis langs scènes die allemaal een spiegel vormen: herkenbaar, maar tegelijk ook onalledaags. Al is het alleen maar omdat Jans de tegenspelers in deze Odyssee ontleent aan de mythologie. Lachend zegt Jans: “In het begin had ik zoiets van: waar moet ik met dit verhaal naartoe?” Wat het in elk geval niet moest worden, was een verhaal met een zware moraal. “Ik wil zeker niet prekerig overkomen.” Wat dat betreft lijkt de kijker met een Wezen, die het zelf ook allemaal niet weet, op het goede spoor te zitten. Een belangrijke episode in het beeldverhaal is het moment waarop Wezen een waarzegster ontmoet. Zij kan hem vertellen waar Welbevinden woont. Alleen voelt Wezen aan dat dit alles met een prijs komt. Hij is niet van plan zijn ziel te verkopen. Want wie zegt hem dat hij het antwoord krijgt dat hij zoekt, en wat zouden daarvan de consequenties zijn? Wezen bedankt voor de eer, maar wordt – zo is te zien op een van de tekeningen – teruggetrokken door de waarzegster. Dat is vooral metaforisch, want zij spreekt een vloek uit. 

De tegenslagen die Wezen vervolgens ondervindt, zou je daaraan kunnen toeschrijven. Jans nuanceert dat: “Dat is niet echt het geval. Het is veel meer dat hij gelooft in die vloek. Zodra hij beseft dat deze geen enkele invloed heeft als hij besluit zich er niets van aan te trekken en zelf verantwoordelijkheid te nemen, is alles weer gewoon.” Een parallel met de werkelijkheid dringt zich op. Laat de gemiddelde aardbewoner zich ook niet maar al te vaak tegenhouden door overtuigingen die hem onderweg zijn aangepraat? Op de vraag of de rode draad in het verhaal autobiografisch is, antwoordt Jans: “Nee, althans niet direct. Natuurlijk maakt iedereen in het leven dingen mee die je vormen, maar dit is vooral een universeel verhaal.”

Als er al een concrete boodschap in schuilt, dan is het deze: we zijn allemaal gelukszoekers, en het zou enorm helpen als we onszelf en de ander in harmonie kunnen zien. De polarisatie die de huidige tijd in zijn greep lijkt te hebben, is niet aan Jans besteed. “Ik ben meer van de harmonie. Dat heb je misschien niet altijd in de hand, omdat iemand die boos is die energie overdraagt, jou weer beïnvloedt en vice versa. Tegelijkertijd geloof ik dat je veel verder komt als je luistert zonder meteen een oordeel te vellen.” Wie ook verder wil komen, is Wezen. Hij beleeft nog tal van andere avonturen. Een bijzonder moment is de scène waarin hij door een hagedis wordt verleid een arena te betreden waar hij God zou kunnen ontmoeten. In werkelijkheid treft hij een fakir: een bedelmonnik die juist gevangen wordt gehouden. Ook dit is te lezen als een projectie van een beeld dat je op het verkeerde been zet. Jans laat de interpretatie overigens geheel over aan de toeschouwer. Naast de verleidingen en misleidingen die Wezen oproept met zijn hartverlangen – wellicht had hij beter niets kunnen wensen – komt ook zijn eigen schaduwkant aan bod. “Ik vond dat dit er ook in moest zitten”, zegt Jans, wijzend op de laatste episode.

Wezen wordt verliefd op een bosnimf in een woud. Zij is echter niet zijn bezit, maar behoort toe aan deze plek, die wordt bewaakt door een eenhoorn. Deze ‘femme fatale’ blijkt uiteindelijk Wezens redding. Niet op de manier waarop hij had gehoopt, want tot een romance komt het nimmer. Wel redt zij hem van een in woede ontstoken eenhoorn. Diepere lagen zijn er dus genoeg. De crux? Die is er niet eenduidig. Wel stelt Jans dat wie op zoek gaat naar geluk uiteindelijk vooral zichzelf ontmoet in de ander. “Ik word persoonlijk niet gelukkig van geld, maar voor wie daar wel blij van wordt is dat net zo reëel als al het andere. Wat gelukkig maakt is voor iedereen anders en de zoektocht is vooral een confrontatie met jezelf. ” Het zijn bespiegelingen die niet per se nodig zijn om het boek te waarderen. Van prachtige tekeningen kun je immers ook genieten zonder mee te gaan op reis.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.