Afbeelding
Foto: Koen Meijeringh

Gerards Coronakrabbels: Deel 28: Voordringers

Sport

(door Gerard Meijeringh)

Het coronavirus regeert. Dikwijls beseffen we nauwelijks wat we meemaken en verlangen we terug naar de goede tijden waarin we leefden als ‘God in Nederland’. Een periode die nog maar even achter ons ligt, maar toch zo ver weg lijkt. In de huidige moeilijke periode probeer ik wat verlichting te brengen met een reeks ‘Coronakrabbels’. Over alledaagse dingen in de wondere wereld waarin het coronavirus voorlopig nog steeds de dienst uitmaakt.

Het is zaterdagavond wanneer mijn blik valt op een bericht op internet. ‘Wachtlijsten voor het coronavaccin doordat mensen voor beurt inenting krijgen’, kopt nu.nl op lange wijze. Het komt erop neer dat zorgpersoneel bij de vaccinatie wordt gepasseerd door bijvoorbeeld kantoormedewerkers of restaurantpersoneel. Mijn eerste reactie is verbijstering, maar daarna begint het bij mij te dagen. We hebben het veel te goed in Nederland. Het is ikke, ikke, ikke en de rest kan stikken.

Je kent het wel. Je wilt graag iets hebben. Maar wat doe je ervoor om het te pakken te krijgen. Sommige mensen kennen geen schaamte. Dat zie je nu ook bij de grootste vaccinatieoperatie ooit in ons land. M’n gedachten gaan vele jaren terug. Toen mijn zoon nog heel jong was en een spelletje wilde hebben. De Mediamarkt had een goede aanbieding. Naïef gingen we naar deze grote zaak. Ik schrok me dood. Zoveel mensen, maar ik had mijn zoon een belofte gedaan. Ik kon niet terug.

Mensen veranderden in beesten. Duwen, trekken. Vlak achter ons stond een man met een gehandicapt meisje. Ze raakte in paniek. ‘Hold oe stille’, klonk het in dialect. De meneer keek het arme meisje vernietigend aan. Hoofdschuddend zag ik het aan. Eindelijk waren we aan de beurt. We rekenden het spelletje af. “Het is hier wel eens rustiger geweest”, zei ik tegen de kassajuffrouw. “We hebben wel eens minder van dit soort spelletjes verkocht”, was haar gevatte antwoord. De man en het meisje waren ineens nergens meer te bekennen.

Door de welvaart raken sommige mensen in de war. Dat heb ik diverse keren mogen ervaren op mijn all-inclusieve vakanties. Ik kan me nog een vakantie in Turkije herinneren. Aan de bar mocht je daar zelf je pilsje tappen. Leuk, maar het wordt anders als je ineens omver wordt geramd door een vrouw. Net op het moment als je bezig bent om een toonbaar biertje te fabriceren.

Wreed werd mijn ritueel verstoord. Mijn concentratieproces werd onderbroken en maakte plaats voor ergernis. De desbetreffende dame nam mijn plaats in. Haar hand ging naar de tap, maar daar maakte ik korte metten mee. In mijn ‘vriendelijkste' Duits vroeg ik haar of ze dat thuis ook deed. Ze was verbouwereerd, ik nam m’n plek weer in en tapte mijn biertje.

Misschien had ik het gerstenat beter door haar kunnen laten tappen, want het resultaat was ruim onvoldoende. De Duitse mevrouw schudde haar hoofd toen ik moest bijtappen om toch nog enigszins een acceptabel biertje uit het vat te toveren. Uiteindelijk had ik succes. Met een redelijk biertje kon ik mijn plek op het terras opzoeken.

Voordringen is van alle tijden en dus ook bij het vaccineren. Maar de overheid maakt het ook wel heel gemakkelijk. Ik lees op 12 januari een stuk in de Volkskrant. 'Controleert dan niemand of iemand wel recht heeft op een vaccinatie?", vraagt de Volkskrant zich af. Het antwoord is nee. Woordvoerder Sonja Kloppenburg van de GGD-koepel GGD-GHOR laat weten dat alleen de uitnodigingsbrief wordt gecontroleerd. "Wij zijn een branchevereniging en geen politieagent", laat ze weten.

Het begint me weer te dagen. Wanneer de controle hapert, ligt misbruik op de loer. Een ideale wereld voor voordringers. Ik concludeer dat ik nog wel een tijdje moet wachten op mijn eerste vaccinatie en ga op zoek naar een toepasselijk muziekje. Wait van Vandenberg klinkt even later uit de speakers. Wait Wait Wait, till there ain't no much left", zingt Bert Heerink. Ik zucht. Hij heeft groot gelijk.