
Vijf vragen aan: Gert Roersma, ultraloper voor het goede doel
· leestijd 2 minuten AlgemeenKAMPEN – Gert Roersma onderneemt deze zomer een bijzonder avontuur: hij loopt in zijn eentje 70 kilometer langs de Nederlandse kust – van Hoek van Holland tot IJmuiden – om geld op te halen voor de Monicares Foundation. Deze Zwolse stichting ondersteunt gezinnen die te maken hebben met kanker of een andere ongeneeslijke ziekte, juist als ze klem komen te zitten door kosten en omstandigheden. Als amateur-ultraloper zonder ervaring in zulke lange afstanden wordt het voor Gert een serieuze mentale en fysieke uitdaging. Deze week in vijf vragen aan: Gert Roersma.
Gert Roersma werkt sinds kort bij DBBO, Defensie Beveiliging – in ’t Harde. Met een ‘enorme knipoog’ noemt hij dit de special forces van de beveiliging. In zijn vrije tijd zoekt hij rust en ontspanning in sport, veel hardlopen, krachttraining en in de waardevolle tijd met zijn gezin. Roersma deinst niet terug voor een uitdaging en daarom besloot hij mee te doen aan een Ultrarun. Een fysieke uitdaging waar menig sporter eerst zware trainingen voor ondergaat. Ervaring heeft hij niet, maar hij besloot het gewoon te doen.
Een ultrarun lopen zonder ervaring... Doe je vaker dingen waar anderen misschien eerst een keer of wat over nadenken?
Zeker weten. Ik ben redelijk impulsief, en ga graag voor alles of niks. Als ik ergens m’n zinnen op zet, dan gá ik er ook volledig voor. Deze ultrarun is daar dan ook het perfecte voorbeeld van: geen klassieke voorbereiding, dus veel beginnersfouten, maar wel met een bak motivatie. Ik word dan ook wel een beetje voor gek verklaard. “Je bent niet goed wijs”, was een veelgehoorde eerste reactie. Mijn vriendin haar eerste reactie was, “je kan het”. En zij steunt mij letterlijk in alles. Inmiddels merk ik dat mensen juist enthousiast worden, en dat maakt het enorm waardevol. Ik krijg veel oprechte steun vanuit onverwachte hoeken.
Tijdens zo’n tocht moet je vast diep gaan – aan welk moment onderweg hoop je jezelf vast te kunnen houden?
Aan de mensen waarvoor ik dit doe. Gezinnen die dagelijks te maken hebben met de stress van ziekte en geldzorgen. Als ik denk dat ik kapot zit, herinner ik mezelf eraan dat hun strijd niet tijdelijk is – en dat geeft me kracht. Daarnaast helpt de goede voorbereiding enorm mee, trainen in alle omstandigheden en ook wanneer het tegen zit. Mentale vorming noem ik het altijd. Ik loop bovendien voor Monicares, een stichting die gezinnen ondersteunt in moeilijke tijden. Ik ben zelf vader van een jonge zoon, en dan raakt het mij meteen als ik de verhalen hoor van gezinnen die door ziekte compleet uit balans raken. Monicares biedt geen eenmalige donatie, maar concrete langdurige hulp: boodschappen, vervoer, momenten van rust. Dat is precies het soort hulp dat telt als alles wankelt. Verder heb ik een stevige playlist muziek. Die helpt mij vaak een heel eind tijdens lange trainingen. Maar de echte strijd begint als ik het stemmetje in mijn hoofd moet overtuigen dat opgeven geen optie is.
Wat hoop je dat deze onderneming jou behalve geld voor het goede doel brengt?
Voor mij is dit een persoonlijke test, 2 jaar geleden ontstaan. Hoe ver en diep kan ik echt gaan? Ik hoop anderen te laten zien dat je geen topatleet hoeft te zijn om jezelf uit te dagen. En als ik daarmee ook maar een klein beetje hoop of positiviteit kan brengen in een tijd die voor veel mensen zwaar is, dan is dat misschien wel het belangrijkste.
Wat zeg je standaard tegen jezelf tijdens de laatste loodjes?
De laatste vijf kilometer: Appeltje-eitje, gewoon een klein rondje om het Kamper stadspark.” Even negeren dat er daarvoor al dertig kilometer in de benen zit...
Hoe groot is de kans dat je na deze run zegt: “Dit doe ik nóóit meer” – en het toch weer doet?
Vrij groot. De volgende uitdaging ligt al klaar: de ‘Ronde van Aruba’ – 72 kilometer het eiland rond.

























