
Kruithof laat spelers van Go-Ahead Kampen net even wat dieper gaan
· leestijd 1 minuut SportKAMPEN - “Ze hebben af en toe een hekel aan mij. Ik pak ze net even wat harder aan.” Wilbert Kruithof zegt het met een lach, maar toch ook met een serieuze ondertoon. Waar hoofdtrainer Jan van den Berg bij eersteklasser Go-Ahead Kampen de hoofdlijnen bewaakt, ligt voor assistent-trainer Kruithof een belangrijke prioriteit bij de fitheid van de spelers.
Samen met Van den Berg en de andere assistent-trainer, Arjan Wiegers, wil Kruithof de hoofdmacht van de Kamper voetbalploeg in de top 3 laten eindigen. Dat is tamelijk ambitieus. Go-Ahead is immers promovendus. Daar kunnen wel twee zaken bij worden aangetekend. Go-Ahead keerde met grote uitslagen terug naar de eerste klasse en de degradatie twee seizoenen eerder werd door velen als een incident gezien. Onnodig, zogezegd.
Dan nog is meedraaien bovenin een doelstelling die niet elke ‘nieuwkomer’ zich zal stellen. Op basis van de selectie durft Kruithof het realistisch te noemen. Go-Ahead versterkte zich behoorlijk, met name achterin. Verdedigend had de ploeg al aanzienlijke kwaliteit, maar mede door blessures was het af en toe improviseren.
Er waren duels waarin Go-Ahead met meer ‘echte middenvelders’ achterin stond dan met verdedigers. In het kampioensjaar kwam de ploeg daarmee weg, maar in de sterkere eerste klasse is meer armslag geen luxe. Kruithof: “We hadden vorig jaar een solide middenveld, maar achterin hadden we versterking nodig.” Voorin is Matijs Valstar erbij gekomen, een speler die volgens Kruithof weleens van waarde zou kunnen zijn. Inmiddels zijn er ook wat tegenvallers. Kruithof: “Een speler van wie ik veel verwachtte, is Lars Eijsink. Hij is helaas zwaar geblesseerd geraakt en is voor langere tijd uit de roulatie.” Dat is uiteraard in de eerste plaats heel zuur voor Eijsink zelf. Husham Ali was al geblesseerd en het herstel van deze creatieve voetballer duurt langer dan gewenst.
Door de bank genomen staat Go-Ahead er echter goed voor. Kruithof constateert dat de fitheid van de spelers in bepaalde wedstrijden de doorslag heeft gegeven. Lachend: “Sommige spelers willen op de training het liefst zo snel mogelijk een balletje trappen. Ik laat ze net even wat dieper gaan. Op dat moment vinden ze dat niet altijd leuk, maar later hoor ik dan weer dat ze er wel wat aan hebben gehad. In het kampioensjaar hebben we het ook kunnen zien op het veld. Overigens doe ik het zeker niet alleen. We hebben een uitstekend team met fysio’s achter ons staan.”
Naast fysieke kracht telt met name ook de mentale weerbaarheid. Die is eveneens groot, meent Kruithof. Na de degradatie in 2025 was er sprake van een kleine beschadiging. “Er moest weer een team worden gesmeed, ook met nieuwe jongens erbij. Verder was de samenwerking met Jan nieuw. Al snel bleek dat we dezelfde mentaliteit hebben: altijd willen winnen en trainen en spelen met intensiteit.”





























