
Korfballer Slot: ‘Op mijn 29e ontdek ik nog nieuwe dingen’
· leestijd 1 minuut SportKAMPEN – De korfballers van Wit-Blauw kijken al een tijd uit naar het nieuwe zaalseizoen. Ze begonnen zelfs twee weken eerder met trainen in de zaal, terwijl het veldseizoen nog liep. Wie daar weinig van meekreeg, was Vladimir Slot. Hij is net terug van een avontuur met de Surinaamse nationale ploeg, waarmee hij zich plaatste voor het WK. Inmiddels is zijn focus weer volledig gericht op Wit-Blauw, waar hij voor het eerst de aanvoerdersband draagt.
“Een hele eer”, aldus de 29-jarige korfballer, met wie we vooruitblikken op het zaalseizoen. De resultaten op het veld waren wisselend, maar Slot ziet een stijgende lijn. “Ik denk dat we op de goede weg zitten. Met Yvo de Vries en Jesse Postma zijn twee belangrijke spelers vertrokken. Aan de andere kant hebben we nu een heel allround team waarin iedereen kan scoren. Met name de dames hebben zich hierin nog weer verbeterd. Dat zag je bijvoorbeeld in onze tweede wedstrijd tegen OKO.”
Slot ziet op meerdere gebieden vooruitgang. “Iets waar we veel mee bezig zijn, is dat een speler die de bal heeft minimaal twee afspeelmogelijkheden moet hebben in plaats van één. Daardoor weet de tegenstander minder goed wat er gaat gebeuren.”
Daarbij draait het ook om looplijnen. Niet in de laatste plaats voor Slot zelf. “Voorheen maakte het mij niet uit of ik van zes of negen meter schoot. Ik dacht: geef mij die bal maar. Nu ga ik eerder voor een kans dichter bij de korf. Dat vraagt om andere looplijnen en is ook weer een nieuwe uitdaging. Ik vind het leuk om te ontdekken dat ik op mijn 29e nog nieuwe dingen leer.”
Ook de aanvoerdersband is nieuw voor Slot. “Wit-Blauw is de club waar ik een groot deel van mijn leven heb gespeeld en dan is dit best bijzonder. De tijd is ook omgevlogen. Bij mijn debuut was ik een van de jongsten en nu ben ik samen met Nieset Groen de oudste. De tijd is voorbij gevlogen”
Wat Slot in de loop der jaren eveneens heeft geleerd, is genieten van het spel van anderen. “In het begin was ik vooral bezig met mijn eigen acties en scoren. Tegenwoordig heb ik veel meer oog voor medespelers die een goede actie maken en kan ik daar echt van genieten.”
En wat verwacht de aanvoerder van het komende zaalseizoen? “Ik denk dat we nog steeds in staat zijn om een rol van betekenis te spelen en bij de beste drie te eindigen.”




























