Ruth Vorsselman (linksachter) en Selma Konijn.
Ruth Vorsselman (linksachter) en Selma Konijn. Foto: Canoe Photography

Vorsselman in het besef van alles of niets naar Parijs

· leestijd 2 minuten Sport

ROTTERDAM/KAMPEN - Alles of niets. Het is een predicaat dat je al snel op de Olympische Spelen kunt plakken. In het geval van Ruth Vorsselman en Selma Konijn geldt dat echter in optima forma. Dat de twee kanoërs zich in de K2 wisten te plaatsen voor de vijfhonderd meter op de Olympische Spelen was op zich al een verrassing. De laatste maanden werkten ze hard toe naar een topvorm. De ene keer zaten ze in een flow, de andere keer helemaal niet.

“We hebben trainingen gehad waarin het allemaal perfect op zijn plaats viel. Op andere momenten leken we elkaar bijna tegen te werken. Het wordt voor ons echt alles of niets”, aldus Vorsselman. De geboren en getogen Kamperse (inmiddels verhuisd naar Rotterdam voor de sport, maar nog altijd lid van Skonenvaarder in Kampen) constateert het enigszins relativerend. “Wij behoren niet tot de favorieten. Dat zijn Duitsland, Polen, Nieuw-Zeeland en Denemarken. Wel gaan we sowieso voor een plek in de finale.”

Kwalificatie

De weg daar naartoe verloopt dan allereerst via een kwalificatie op dinsdag met als inzet de halve finale. De halve finale kan rechtstreeks worden bereikt en eventueel ook via een herkansing (kwartfinale) die eveneens op dinsdag wordt gehouden. Drie dagen later zijn er de halve finale en finale. Het laatste is dus het grote doel voor Vorsselman. Daarnaast doet ze ook nog individueel mee in de K1, een avontuur dat op woensdag begint. “Het zou prachtig zijn om het ook op dat onderdeel goed te doen, maar de K2 is wel mijn hoofddoel.”

Dat Vorsselman en Konijn naar de Spelen gaan, is nog niet eens zo heel lang bekend. Ze wisten dat af te dwingen met een plaatsingswedstrijd in Hongarije in het voorjaar. Het was al een hele prestatie op zich, met een uniek resultaat. Voor een Nederlandse deelname aan de K2 moeten we zowel bij de heren als de dames terug naar de vorige eeuw. Nog voor de geboorte van Vorsselman en ruim voor haar eerste wedstrijden bij Skonenvaarder.

A-status

Sinds de plaatsing in mei is er, aldus Vorsselman, ‘veel veranderd’. “Dat kan je wel zeggen ja. “Ik heb nu officieel een A-status als sporter, wat betekent dat ik ook betaald krijg. Met mijn werkgever heb ik bovendien kunnen afspreken dat ik eerst nog wat projecten zou afronden en in juli en augustus vrij was om mij helemaal op de sport te richten.”

Een belangrijk deel van de voorbereiding was een trainingskamp in Polen, niet ver van de woonplaats van Zdzislaw Szubski, de trainer van de twee dames. Ook daar waren de resultaten nogal wisselend. Vorsselman: “Selma en ik voelen elkaar steeds beter aan qua timing en techniek. Je wilt de peddel precies gelijktijdig in het water en dat je voelt dat de kano vooruit wordt geduwd door het water. Iets dat steeds beter en vaker lukt. Op momenten dat het niet gaat zie je alleen wel dat het ook echt niet gaat. Een voordeel is wel dat we onder druk doorgaans juist heel goed presteren. Of het mogelijk is om na een stroeve start nog weer terug te komen in de wedstrijd? Dat is zeker mogelijk, maar niet heel makkelijk. Meestal is de laatste tweehonderd meter ons sterkte deel van de race. Het is het zwaarste deel van de wedstrijk maar daar maak ik mij nog het minst zorgen om.”

Mentaal

Het mentale aspect zit dus wel goed zou je zeggen. Toch? “Natuurlijk zullen we last hebben van zenuwen”, reageert Vorsselman. “Althans wel voor een wedstrijd. Ik moet wel zeggen dat ik de week voor een belangrijke wedstrijd vaak wel kan relaxen hoor.” Wat het ditmaal ook anders maakt, is dat de aandacht voor de prestaties van Vorsselman en Konijn is toegenomen. Vorsselman: “We zijn gebeld door onder meer het Algemeen Dagblad, De Telegraaf en NRC Handelsblad. Voor Radio Rijnmond hebben we meegewerkt aan een iPod. Kennelijk is de aandacht voor de Spelen toch nog een stuk groter dan een WK.”

In de aanloop naar haar deelname op de Olympische Spelen heeft Vorsselman zich niettemin wel wat afgesloten voor de buitenwereld. “Je bent toch vooral bezig met de voorbereiding van je eigen wedstrijd. Dat neemt niet weg dat ik elke dag wel even op televisie kijk wat andere sporters hebben gedaan en wat de hoogtepunten zijn. Wat me opvalt, is dat de locaties in Parijs wel vaak heel mooi zijn, met een stukje van de stad op de achtergrond.”

Rest er nog een laatste vraag. Omdat Vorsselman en Konijn hun volledige potentie als duo nog niet hebben bereikt en nog volop bijleren borrelt de vraag op of de Spelen niet eigenlijk een jaar te vroeg komen. Vorsselman: “Dat vind ik een heel lastige vraag. Ik denk dat je dat zo niet kunt stellen. Elk jaar leer je weer wat bij en een jaar later zou dat niet anders zijn geweest.”

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.