
Hondenhoek: Is de hond geweldig of verwerpelijk?
· leestijd 2 minuten AlgemeenHet antwoord op deze vraag ligt vaak verscholen in de aanleg van onze persoonlijkheid. Voor de ene mens kan het dier een afleiding zijn om te verzorgen en daarnaast te aaien en ermee te spelen. Iemand die gesteld is op zijn rust en netheid verkiest boven soms ook wel eens een minder geordende omgeving zal daarentegen veel minder geneigd zijn een huisdier aan te nemen.
Het ligt eraan waar iemand de voorkeur aan hecht en van welke instelling een persoon uitgaat. Bovendien speelt een herinnering heel vaak mee of iemand diervriendelijk is ingesteld of niet. Als je als kind of jong volwassene een nare ervaring hebt gehad met een hond die je achterna gezeten heeft, al was het maar uit speelsheid van die hond, of je zelfs heeft gebeten, is het erg logisch dat je daar geen leuke herinnering aan over houdt. Kleine kinderen vinden het beangstigend als een onstuimige jonge hond hen belaagt doordat hij steeds maar tegen ze opspringt en ze achtervolgt als ze wegrennen. Zelfs in kledingstukken bijten om de “kleine prooi” tot staan te brengen is voor een jonge hond een prachtige kans om zijn jachttechniek te oefenen. Maar voor een kind dat niet met deze hondse praktijken bekend is, kan dit natuurlijk uitmonden in een trauma dat een leven lang duurt.
Hiervan zijn mij ettelijke voorbeelden bekend en als volwassene met zo’n verschrikkelijke herinnering kan die episode alleen al bij het zien van een hond op afstand, weerzinwekkende gevoelens opleveren. Maar het menselijk lichaam kan ook een reden zijn om onze viervoeter te vermijden, want sommige mensen zijn heel erg gevoelig voor hondenhaar en dat levert ze een allergische reactie zodra ze met het dier in aanraking komen. En dan ga je jezelf niet aan een huisdier koppelen.
Hoewel: in de periode dat wij met ons langharig ras fokten, kwamen er ook wel eens mensen bij ons met kinderen die ervan verdacht werden allergisch te zijn voor huisdierenhaar. Maar de wens van de familie was dat er een hond moest komen als bleek dat er geen allergie in het spel was. Dit betekende dan ook dat de proef op de som moest worden genomen. De allergie, als die zich al aandiende, kan zichtbaar gemaakt worden. Een bosje uitgeborsteld haar liet ik dan in de mouw van het kind stoppen. Als na een kwartier geen rode plekjes op de arm verschenen werd aangenomen dat het met de allergie wel meeviel. Deze niet wetenschappelijke methode bleek na toch de aanschaf van een pup zichzelf bewezen te hebben tot grote vreugde van de trotse bezitters van de hond die daar 13 jaar is geworden. Verder spelen culturele invloeden ook een rol.
In sommige culturen is de hond een onrein dier, mag dus nooit in huis komen want dat is totaal onhygiënisch. Ooit leerde ik iemand kennen die als kind een broodje hond at en dan ook niets met honden had. Aanvankelijk stuitte mij dit tegen de borst, maar wat doen wij met “heilige” koeien?
Gelukkig voor onze hond zijn er binnen onze samenleving mensen met een persoonlijkheidsstructuur die van nature huisdiervriendelijk zijn. Zij hebben misschien in hun jeugd een positieve ervaring gehad met hun lieve hond die op een prettige manier oud is geworden. Zij voelen zich thuis in een omgeving waar geleefd wordt en waar leven met een huisdier dit nog voor hen versterkt. Als zij thuiskomen is er in ieder geval de hond die op ze wacht en dat past precies in hun leefpatroon. Daarna is er de tijd om met de hond een lekkere, ontspannen wandeling te maken (goed voor lijf en leden) en andere mensen tegen te komen.
Wij kunnen concluderen: Ieder mens heeft ook hier zijn eigen gelijk.





























